jump to navigation

Pierre Teilhard de Chardin

-door Janna van Eekelen-

Pierre Teilhard de Chardin was een Franse Jezuïet, priester, mysticus, filosoof, paleontoloog en natuurwetenschapper. Als kind werd hij gefascineerd door de keien die ons voor de voeten liggen: elke steen heeft een geschiedenis van vele miljarden jaren. Teilhard ging geologie en paleontologie studeren; hij wilde weten hoe en waarom uit stenen het leven ontstond: planten, dieren en mensen. En ook wat er van de mens gaat worden in de toekomst: staan wij aan het einde van de evolutie of gaat de grote ontwikkeling steeds door? Hij studeert beide aardwetenschappen en geesteswetenschap en zoekt een eenheidsvisie tussen wetenschap, filosofie en theologie. Hij vindt een synthese van evolutie en Christelijk denken. Teilhard ziet een evolutie van anorganische dode materie, naar levende materie (biosfeer), van dierlijk bewust naar menselijk zelfbewustzijn (noösfeer), dat uiteindelijk zijn bestemming vindt bij God, het ‘punt omega’. De synthese van geloof en wetenschap. Dat maakt hem uniek: om als geestelijke binnen de bestaande regels van de kerk deze eigen weg te gaan. Natuurlijk werden de opvattingen door Rome als bedreigend ervaren en konden pas in de jaren na zijn dood zijn boeken gepubliceerd en verspreid worden. Teilhard heeft aan de evolutietheorie een draai van 180 graden gegeven, door het te richten naar de toekomst. Het een zin, richting, een doel te geven. Bewustzijn.

“Wij zijn geen menselijke wezens die een spirituele ervaring hebben.
We zijn spirituele wezens die een menselijke ervaring hebben”.

Het boek ‘Het verschijnsel mens’ door Teilhard de Chardin keek ik als zeventienjarige voor de eerste keer in. Het sprak me erg aan en ik ben er altijd in blijven lezen. Natuurvorsen, leer van de kosmos en het menselijk bewustzijnsproces, een samengaan van fysica en metafysica  staan centraal in zijn leven en werk. Materie waarbij ik me thuis voel. Vooral ook om hoe Teilhard geloof en wetenschap naast elkaar staande houdt: Geest en aarde, metafysica en fysica. Deze synthese spreekt mij aan. In een geïntegreerd bewustzijn kunnen beide kanten bestaan. Teilhard was in deze een oorspronkelijk denker en pionier.

Horoscoop
De horoscoop van Teilhard laat een opmerkelijke samenbundeling van planeten in Stier zien, het dierenriemteken van het element aarde. Zon, Maan, Venus en verder vier van de niet persoonlijke planeten staan in Stier. In het vaste teken dat verankering geeft in de stof, als materie en zich kenmerkt door zijn vastbeslotenheid en zijn doelgerichte handelen. We herkennen Teilhard hierin: hij was een praktisch mens, en had het omgaan met de materie nodig en kon tastbare resultaten bereiken. Dit stellium werkt vooral uit in huis 11, van de gemeenschappelijkheid, groepen, broederschap en humanitaire wegen. Dit vertelt de Jezuïetenopleiding en het priesterschap: het onpersoonlijke en hebben van (hogere) gemeenschappelijke doelen.
Ascendant Tweelingen is evident: met Teilhards mentale begaafdheid, een goede opvoeding en opleiding genoten, gave van het onderzoeken, verzamelen van feiten en deze te communiceren in onderwijs, lezingen, boeken en publicaties, en het vele reizen. Heer Ascendant Mercurius in Ram (11de huis) levert een snelle actieve geest die moedig is, vurig, en durft te pionieren. Teilhard nam het intellect boven emoties (Maan in Tweeling) maar in zijn denken kon hij impulsief en bevlogen (Mercurius in Ram en Mars dominant vierkant de Ascendant).

Sterke  energieën zijn:
Mars in Vissen vierkant de ascendant.

En eventueel Saturnus conjunct Jupiter, in verbinding (halfvierkant) met Asc-Desc as.

Zon conjunct Neptunus: de mysticus.

Mercurius anderhalfvierkant Uranus (Maagd 4de huis). Uranus staat prachtig geaspecteerd met driehoeken met Zon, Venus, Jupiter, Saturnus en Neptunus en staat in huis 4 garant voor Teilhards vele omzwervingen over de aardbol. Als singleton geplaatst is Uranus een dominante  energie en leidend voor Teilhards specialistische en speciale (wetenschaps-) werk en de radicale veranderingen in woonomgeving.

Astrobiografie

Pierre Teilhard de Chardin werd op 1 mei 1881 nabij Clermont Ferrand in Frankrijk geboren. Hij is het vierde kind uit een gezin van elf. De vader (Zon) is afstammeling van een oud adellijk geslacht (cusp 4de huis Leeuw) en moeder (Maan) een achternicht van Voltaire (Maan vierkant Uranus). Hun huis is een kasteeltje dat ligt in een lieflijke heuvellandschap van Sarcenat (IC Leeuw). Pierre groeit er op in de geborgenheid van een vroom-katholieke familie. Enigszins afgezonderd van de wereld: de kinderen krijgen hun basisonderwijs thuis (Stellium in 11de huis). De vader draagt zijn hartstocht (Venus) voor natuuronderzoek (Stier) over op Pierre. Op hun excursies over de landerijen veld en bos, leert hij spelenderwijs de planten en bloemen, vlinders en kevertjes (Zon conj. Venus in Stier). En als een natuurlijke aanvulling daarop leert hij van zijn moeder in alles en overal de hand van God te zien. Hij zal later dan ook erkennen: “Er was maar een vonkje nodig om het vuur te doen oplaaien. Deze vonk dank ik aan mijn moeder, ze heeft mijn leven verlicht.” (Mars in Vissen vierkant Maan). Als kind van vijf ziet hij een van zijn afgeknipte haarlokken in het haardvuur vlam vatten: met een schok ervaart hij daar de vergankelijkheid (Saturnus) van alle stof (Stier). Zijn moeder (Maan) zegt het hem niet aan te trekken want ‘de dingen gaan niet verloren, ze veranderen. Ze gaan over in een andere toestand’. Vanuit een mystieke aanleg (Zon conj. Neptunus in 11) vangt Teilhards zoektocht  naar iets onvergankelijks, hier aan, wat ook het basisthema van Pluto in het 12e huis is. Hij houdt van de traditionele godsdienstige vormen waarin hij opgroeide (Saturnus in Stier in 11de huis), maar vind daarbij ook een eigen metafysica (Zon conj. Neptunus). Als zesjarige vindt hij dit door een verzameling metalen voorwerpen (de behoefte van Stier an concretie) aan te leggen, bewijzen van absolute hardheid. Hij noemt zijn vondst stiekem ‘zijn ijzeren God’ (de tekens Maagd als materiële werkelijkheid en Vissen als spiritualiteit zijn onderschept; Mars in Vissen). Maar een ijzeren god verroest en vergaat: materie leeft en kan sterven, voelt hij. En begint met het zoeken en verzamelen van stenen, mineralen, halfedelstenen. Zij zijn in zijn ogen niet alleen mooi, maar ook hard, blijvend. (Saturnus = steen, in Stier, conj. Jupiter). Tot zijn elfde jaar blijft Pierre thuis wonen en wordt hij vroom, streng en adellijk opgevoed (Saturnus conj. Jupiter).

Dan gaat hij naar het jezuïetencollege (Jupiter-t conj. Mercurius in Ram 11de huis) waar hij met glans voor zijn eindexamen slaagt. Leren en kennis verzamelen gaat hem gemakkelijk af (Jupiter halfvierkant Ascendant) en hij zal veel verschillende studies nog gaan doen (Ook de tekens Tweelingen en Boogschutter zijn onderschept. En de Zuidelijke Maansknoop bevindt zich conjunct Ascendant, dus informatie opnemen is Teilhard vertrouwd).
Behalve deze buitenwereld (Ascendant Tweelingen), waar Teilhard het goed doet , is er ook een binnenwereld. En deze tweedeling is voor Teilhard een wezenlijke. Met zijn gedachten is hij veel meer in de binnenwereld bezig met de wezensweg (Zon conj. Neptunus) van metafysisch onderzoek en de ideeënwereld (Mercurius in Ram anderhalfvierkant Uranus in Maagd). Als jongeman wordt het de geheimzinnige zwaartekracht (Saturnus) die hem bezighoudt. Ook zoekt zijn geest steeds naar de samenhang (Venus/Neptunus In Stier) tussen alles wat gebeurt, bestaat of bestond. De kosmische samenhang tussen verleden, heden en toekomst, tussen stof en geest, tussen mens en natuur is wat hem intrigeert. Na het eindexamen is Teilhards hartstocht voor de stenen bekoeld. Daarvoor in de plaats heeft de geïnstitutionaliseerde godsdienst hem in zijn greep. (Pluto in 12).  Zijn vader (Zon) ziet de verandering en staat erop dat hij een jaar thuisblijft zodat ze weer hun biologische en geologische speurtochten kunnen ondernemen. Het vlammetje van hartstocht voor de aarde wakkert zo weer aan. De materiële werkelijkheid zal een overheersende rol in zijn leven spelen (Pluto in Stier), maar ook het proces van zekerheid zoeken (Pluto ongeaspecteerd) zal blijvend zijn. Dit doet Teilhard door de relatie met Christus te verduurzamen (Zon conj. Neptunus in Stier) i.p.v. het nog in de vastheid van steen te zoeken (Pluto in 12de huis die naar een omzetting naar hogere orde blijft zoeken).

Als 18-jarige gaat hij wiskunde  (Mercurius in Ram, anderhalfvierkant Uranus) studeren en wordt novice in de orde van de paters Jezuïeten te Aix-en-Province (heerser Ascendant: Mercurius in 11de huis). In de jaren 1902 en 1904 sterven resp. een broer en een zus van hem (Pluto-t op Maan en op Ascendant Tweeling met vierkant Saturnus en vierkant Jupiter). In dit jaar 1904 worden tevens de jezuïeten uit Frankrijk uitgewezen. Teilhard is erg aangedaan. Hij besluit van studie te veranderen, en vervolgt met wijsbegeerte en theologie en op het eiland Jersey (studie dichterbij de wezenskern; Zon conj. Neptunus; alweer die dualiteit van een Ascendant Tweelingen met conj. Maan). In September 1905 wordt hij benoemd tot leraar (Jupiter halfvierkant Ascendant) natuur-en scheikunde aan het Jezuïetencollege te Caïro in Egypte, waar hij tot 1908 lesgeeft (Saturnus conj. Jupiter in Stier 11de huis halfvierkant Ascendant Tweelingen). Hierna maakt hij zijn studie in de theologie af (in die tijd Uranus-t driehoek Uranus) om dan in 1911 op dertigjarige leeftijd tot priester te worden gewijd (bij voltooiing van de 1e cyclus Saturnus, in 11de huis). In dit jaar (Pluto-t Tweelingen) sterft ook Teilhards dierbare oudere zuster die hij “tweede moeder” noemt. Zij vormde zijn geest in filosofisch opzicht (tussen strikte wetenschap en mystiek staat de filosofie) en zij ging net als hij een religieus leven. De familiebanden bleven voor Teilhard belangrijk, en vooral zijn zusters. Ook tijdens de priesteropleiding moet Teilhard steeds opnieuw de samenhang tussen fysica en metafysica (Zon conj. Neptunus in Stier) bevechten, en waren er momenten dat hij meende aan het priesterschap de voorrang te moeten geven boven de (materie-) wetenschap. Zijn oversten bestemmen hem dan voor de natuurwetenschappen, zodat we hem van 1912 tot 1914 in Parijs terugvinden, werkend in het Museum van Natuurkundige Historie. Levend binnen de strenge regels van de orde (de Jezuïeten waren weer toegelaten) studeert hij in deze jaren verder in de paleontologie, de antropologie (afkomst van de mens) en de prehistorie. (Het zijn de jaren van Saturnus-t Stier over Zon, Venus, Jupiter, Saturnus en Neptunus in 11de en Pluto 12de huis).

Dan breekt in 1914 als met een schok de eerste wereldoorlog uit (Saturnus conj. Jupiter in 11de huis: de 33-jarige wordt bepaald door landgebeurtenissen in zijn tijd). Priester Teilhard de Chardin is gedurende de oorlog van 1914-1918 als korporaal-brancardier in actie. Liever nog had hij zij aan zij gestaan met de soldaten in het gevecht (Mars in 10 vierkant Ascendant), zoals hij zich bijna als in een mystieke (Vissen) koorts (Mars) uitte (Mercurius in Ram). Tijdens deze jaren schrijft hij veel en koortsachtig. De ervaringen met oorlog en doden geeft hem een radicale (Pluto) wereldaanvaarding (en Maan in 12de huis), waarmee de ambities (Mars in 10de huis) van priesterschap en voor de wetenschap op één noemer komen.  Verder komen drie van zijn broers in deze oorlog om.

Na de oorlog hervat Teilhard de studie in Parijs aan de Sorbonne in de geologie en natuurwetenschappen, promoveert tot doctor in de geologie en plant- en dierkunde. Na de verdediging van zijn proefschrift over zoogdieren-fossielen uit het tertiaire tijdperk wordt hij toegevoegd hoogleraar in de geologie (Uranus-t 10de huis) en blijft werkzaam in het Museum National d’ Histoire Naturelle in Parijs (Noordelijke Maansknoop Boogschutter: steeds hogere studies en leervelden; Saturnus conjunct Jupiter). De nu theoloog, filosoof, aardrijkskundige, bioloog en natuurkundige Teilhard met ook een dichterlijke inslag (Venus conj Neptunus), zet in deze jaren van zijn Parijse professoraat vele problemen op papier (Uranus-t 10e huis met Mars vierkant Asc. in Tweelingen) over geloof en wetenschap, o.a. zijn visie op de erfzonde. De Katholieke kerk schrikt van zijn gedurfde beweringen. Er volgt een levenslang publicatieverbod.. En zijn oversten vinden het beter dat de jonge professor uit Parijs verdwijnt (1923)  (In 1923 is er een Uranus-t over 10de huis met halfvierkant Saturnus conj. Jupiter en ook Uranus-t oppositie Uranus in Maagd. Teilhards nieuwe inzichten -Mercurius anderhalfvierkant Uranus- komen in conflict met de gevestigde orde, wat tot het einde van Teilhards leven een gegeven blijft.
Hier begint zijn ongelooflijke zwerversbestaan ( Uranus in 4de huis) in China, Mongolië, Java, Afrika, Mantsjoerije, Siberië en de Gobiwoestijn. Op aandringen van Amerikaanse, Chinese en Zweedse vakgenoten wordt Teilhard toezichthouder bij het bodemonderzoek naar menselijke fossielen in Oost-Azië (Zon in Stier in 11de huis). Hij krijgt ook de leiding over de opgravingen, niet ver van Peking. Hij maakte het samen met een collega paleontoloog mogelijk, dat op 24 december 1929 de sinantropus, de pekingmens, werd gevonden. Het is de grootste wetenschappelijke gebeurtenis in zijn leven: een ontbrekende schakel naar de allereerste mens was ontdekt (Uranus-t op cusp 11de huis in Ram met halfvierkant Pluto in 12de huis).
Teilhard blijft lang een vooral introverte man maar door het vele reizen ontwikkelt hij een extraverte internationale levensstijl. In 1930 keert hij weer naar Parijs terug en is daar druk bezet met het houden van lezingen en colleges voor vakgenoten (het volle 11e huis met Jupiter erin) en aan universiteiten. In 1931 en 1932 maakt hij de Gele Kruistocht mee. Deze was als materiaaltest voor haar auto’s georganiseerd door de Citroënfabriek. Men reed ermee via een route vanaf Peking en vanuit Tibet dwars door China, een hachelijk avontuur (maar wel te plaatsen voor een Zon Stier; Mars vierkant op Ascendant Tweelingen).

We komen in Teilhards leven relaties met opmerkelijke vrouwen tegen, zoals met de Amerikaanse beeldhouwster Lucille Swan (Venus conj. Zon in Stier), met wie hij een intensief briefcontact voert (Noordelijke Maansknoop in 7de huis). Zij wordt verliefd op hem. Maar Teilhards gemakkelijk omgang met vrouwen doet geen afbreuk aan zijn celibaat (Mars in Vissen, dominant), integendeel: hij toont zich een echte priester door zich nooit van mensen af te keren (Stellium 11 de huis). En hun vriendschap blijft bestaan.

Teilhard is intussen een erkend wetenschapsman. Laboratoriumwerk houdt hem tot diep in de nacht bezig. Zijn studie en lezingen slokken al zijn vrije tijd op. De oorlogsjaren tussen China en Japan na 1937 verlammen het opgravingswerk, maar Teilhard reist in die tijd van New York naar Philadelphia, van Parijs naar Birma, van Japan naar Amerika. En in al die jaren ziet hij steeds scherper, steeds dieper het systeem in de contouren van het verschijnsel mens. Na Pearl Harbour wordt het werken in Azië steeds moeilijker en benauwender. Op 8 augustus 1945 valt de atoombom op Hiroshima en Nagasaki. Op 25 december landen de Amerikanen in Peking en roepen per radio om: “Where is Father Teilhard? Where is the sinantropus?” In allerijl worden parachutisten neergelaten, scheepsradio’s blijven plaats bepalend oproepen. Pater Teilhard antwoordt, maar de schedel van de sinantropus blijft spoorloos. De W.O. II beperkt hem in zijn bewegingsvrijheid, het geologisch onderzoek moet worden stopgezet. In deze tijd valt Teilhard vaak ten prooi aan depressies (Saturnus-t Kreeft halfvierkant Uranus vierkant Maan).

Na nog een enkele wetenschappelijke reis naar Parijs en Zuid-Afrika gaat hij in 1948 in New York wonen, waar hij verder schrijft aan zijn boeken, doceert, studeert. Liever was hij permanent terug naar Frankrijk gegaan, naar huis, maar dat staan de oversten van de kerk hem niet toe. Teilhard is volledig beschikbaar voor zijn omgeving; als hij in New York woont heeft hij een drukke spreekkamer “Men weet nooit of een enkel woord niet een dienst zal bewijzen” (Noordelijke Maansknoop in 7de huis Boogschutter). Zijn wens te mogen sterven op Pasen, de dag van het bedwelmende feest van het vuur (Mercurius in Mars), zoals hij zelf zegt, gaat wel in vervulling. Hij sterft in 1955 in New York, door een hartaanval, op eerste Paasdag.

Literatuur:

‘De evolutie van brein en bewustzijn, Het pionierswerk van Jung en Teilhard de Chardin, door Paul Revis. Parthenon, Almere, 1999

%d bloggers liken dit: